Routepunt — 10

Liaslaan - Oliespuit

8 november 1976. Johan Maatje lag nog in bed toen hij een enorme knal hoorde. “Ik zei tegen Annie, dat kunnen de Russen wel wezen! Maar toen hoorde ik dat er iets mis was met de NAM-put een eindje verderop. Ik pakte de fiets en ging kijken. Twee minuten later was er iemand van de NAM. ‘Dit is niet goed’, zei hij, ‘hier moeten we werk van maken.’”

Scholen bleven die dag dicht en Annie en hun drie zonen konden alles goed volgen vanuit het slaapkamerraam. “Het was een enorme rookpluim, maar bij ons was alles nog schoon. Totdat aan het eind van de middag de wind draaide en de vitrages zwart werden. Heel Schoonbeek kwam onder een zwarte laag te zitten, tot aan de rotonde toe. De groente in onze tuin was niet meer te eten. Later bleek dat we alles vergoed kregen.”

Veertig uur later lukte het om de put dicht te krijgen en kon het opruimen beginnen. “De smurrie bestond uit stoom en oliedeeltjes. Het waren een soort droge korrels, maar als je erop ging staan, dan werd het wel plakkerig. De 14e was onze zoon jarig. Ik weet nog dat de visite met plastic zakken om de schoenen naar de auto liep.”

Een week na de oliespuit was het file rijden in de Liaslaan. “Iedereen wilde het zien, de zwarte struiken, bomen, bodem, daken. Hier zijn we wel nuchter, maar in het westen werd het flink aangedikt. Als je de kranten moest geloven, stroomde de olie door de straten. Ach, nu wist iedereen tenminste waar Schoonebeek lag.”

Schermafbeelding 2018-09-19 om 13.31.41