Routepunt — L & II

De Boô - Zwemmen bij de Boô

De NAM wilde het aantrekkelijk maken om in Schoonebeek te komen werken. Daarom opende in 1951 ontspanningscentrum De Boô de deuren. De Boô had onder andere een loungeroom, tennis- en kegelbanen en een verwarmd openlucht zwembad. Het was alleen voor NAM-medewerkers en hun kinderen, later mochten ook introducees mee. Beheerder Jan Mast controleerde aan de poort. Was je niet van de NAM, dan kwam je er niet in. Mast was vrijwel elke dag in De Boo en was van alle markten thuis. Zo bewaren veel Schoonebeekers goede herinneringen aan de kipkerriesoep die hij maakte tijdens feesten en partijen. Ook Jantje Schoemakers was vaak in De Boô, en dan vooral in het zwembad. “Ik werd een keer in het diepe gegooid door een stel kwajongens. Ik was een jaar of elf en kon nog niet zwemmen, dus ik was
aardig in paniek. Mijn oudere zus bleef heel rustig. ‘Kom op, eruit’, zei ze, ‘we gaan direct naar het pierebadje, nu ga ik je leren zwemmen.’ Ik ben nooit meer bang geweest. Ach, die warme zomerdagen waarop we tot ’s avonds laat in het zwembad bleven.. we hebben zó genoten!”

Voor NAM-er Toon Scherpen en zijn jonge gezin was De Boô een tweede thuis. “ ’s Zomers gingen mijn vrouw en kinderen aan het eind van de dag naar De Boô. Lekker zwemmen, spelen in de speeltuin, samen een patatje eten. Ik kwam dan uit het werk. Om een uur of zeven waren we weer thuis. Tanden poetsen en dan konden de kinderen naar bed. Een heerlijke tijd!”